Hoe lees ik? van Lidewijde Paris

De boekbesprekingen op dit blog zijn terug van weggeweest! Ik trap af met Hoe lees ik?, een handreiking voor iedere lezer die (nog) meer uit zijn of haar leeservaring wil halen.

Trip down memory lane
Mijn ‘Literatuurwetenschappershart’ maakte een metaforisch sprongetje toen ik de flaptekst en inhoudsopgave van het boek doornam. Perspectieven, motieven, intertekstualiteit (mijn favoriet!) en stijlfiguren: ze komen allemaal langs. Daarnaast herinner ik me nog het inspirerende gastcollege dat de schrijfster van het boek, Lidewijde Paris, tijdens mijn studie gaf. Ik was benieuwd of dit boek voor mij vooral een trip down memory lane zou zijn of dat ik nieuwe inzichten en handvatten zou vinden om betekenis te geven aan literatuur. Maar nog belangrijker: is Hoe lees ik? toegankelijk voor iedereen die van lezen houdt? Of heb je voorkennis nodig om het meeste uit dit boek en andere boeken te halen?

Hoe lees ik kaft

Verschillende brillen om mee te kijken
Hoe lees ik? is gelukkig verre van een gortdroog studieboek over literaire ingrepen, hoewel het een mooie toevoeging zou zijn aan het studiemateriaal van literaire vakken. Lidewijde Paris wil je laten zien hoe zij meer betekenis haalt uit boeken en hoe je daarbij verschillende literatuurwetenschappelijke ‘brillen’ kan gebruiken om anders naar een tekst te kijken. Dit doet zij op een herkenbare, toegankelijke en praktische manier. Ze legt je daarbij absoluut niet op hoe het ‘moet’, maar biedt een handreiking, zoals de volgende quote aangeeft:

‘Overigens vind ik dat iedereen lekker mag lezen zoals hij of zij dat wil. Wil hij lezen om geraakt te worden, om troost te vinden of even met het hoofd bij andere dingen te zijn: geweldig! Maar misschien brengt mijn visie nieuwe leesideeën of- mogelijkheden. […] Ik wil echter vooral dat mijn boek laat zien wat zou kunnen en niet wat zou moeten.’ blz 15; 17.

Hoe lees ik? laat zien wat zou kunnen door uitleg te geven over literaire ‘ingrepen’ die schrijvers kunnen inzetten en die jij kunt gebruiken om een tekst te ontleden. Je wordt vervolgens uitgenodigd om zelf aan de slag te gaan met een fragment uit een roman.

‘Lees maar, er staat niet wat er staat.’ – Nijhoff
Lidewijde Paris haalt meermaals de schrijver aan als instantie en heeft het over zijn of haar mogelijke bedoeling met een boek. Wat kunnen de gebruikte motieven, perspectieven en verwijzingen ons vertellen over wat de schrijver ons wil laten zien? Tegelijkertijd geeft Lidewijde Paris ook aan dat zij betekenis geeft aan een boek vanuit haar eigen context en dat zij een duiding kan geven aan een verhaal waar de betreffende schrijver zich helemaal niet van bewust was tijdens het schrijfproces.

De balans tussen de schrijver als autoriteit en ‘de dood van de auteur’ (de lezer legt betekenis in een tekst, niet de schrijver) heb ik altijd razend interessant gevonden. Ik denk nog steeds dat verwijzingen en ‘bedoelingen’ in een tekst vooral bestaan bij gratie van de herkenning door de lezer. Ik probeer dit uit te leggen met een praktisch voorbeeld uit Hoe lees ik? Daarin lees je het korte verhaal April van Olaf Olafsson. Lidewijde Paris haalt haar diepere betekenis vooral uit de spanningsbogen die zij in het verhaal ziet. Daaruit haalt zij het motief rivaliteit en het dieperliggende thema van erkend willen worden in wie je bent.

Ik zie ik zie wat jij niet ziet?
Mij viel juist iets anders op in het fragment: hoe de nadruk wordt gelegd op kijken en zien. Ik heb woorden als kijken, wegkijken, een blik, zien, niet zien, oog, verrekijker, staren, het hoofd afwenden en zichtbaar onderstreept. Ik telde 55 woorden over ongeveer 12 pagina’s. De vier personen in dit verhaal kijken en zien veel, maar zien vooral heel veel niet. Ondanks een verrekijker, lijkt vooral de vrouw in deze pagina’s haar man niet echt te zien zoals hij is. Het dieperliggende thema in April is voor mij ‘zien en het verlangen om écht gezien te worden’. Dit thema komt zeker overeen met ‘erkend willen worden in wie je bent’. Maar het thema van Lidewij Paris krijgt voor mij juist een diepere laag door mijn interpretatie van de terugkerende woorden rondom ‘zien’ en ‘wegkijken’.

how-to-read-a-book

‘Hoe lees ik?’ voor beginners. Credits: eyewashweb.com en Quirkbooks.

Dus…
Iedere lezer is anders en benadert een tekst op een eigen manier. De schrijver zet tegelijkertijd wel degelijk  een arsenaal aan trucs in om het verhaal en mogelijk de lezer te sturen. Jij bepaalt hoe diep je ‘graaft’ en wat je doet met wat je hebt gevonden. Wil je op zoek gaan naar verwijzingen, verbanden, motieven en ‘knipogen’ van de schrijver, om vervolgens met meer materiaal betekenis aan een tekst te kunnen geven? Daar helpt Hoe lees ik? je bij.

Lees ook wat de andere bloggers van dit boek vonden.

Hoe lees ik? verscheen bij uitgeverij Nieuw Amsterdam.

Deze boekbespreking is onderdeel van Een perfecte dag voor literatuur, een leesclub voor bloggers die graag lezen wat onder ‘literatuur’ wordt verstaan. Ik dank hierbij Nieuw Amsterdam en Cathelijne Esser van Een perfecte dag voor literatuur voor dit recensie-exemplaar.

Advertenties

Over Yolanda de Haan

Tekstschrijven | Redactie | Literatuurwetenschapper | Cultuurwetenschapper | Taalpurist | Muziek | Theater | Film | Nostalgisch | Schrijft en ontvangt graag brieven | Houdt van taart en Scandinavië
Dit bericht werd geplaatst in Een perfecte dag voor literatuur, Non-fictie en getagged met , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s